Hoofdsponsors

Het weidevogelseizoen 2017.

 

Als we de laatste jaren berichtgeving doen over het verloop van het weidevogelseizoen is dit altijd een slecht bericht. Ook dit jaar is het weer niet anders. De neergaande lijn die zich al jaren geleden heeft ingezet loopt gestaag door. Ik heb nog niet alle gegevens binnen van de vrijwilligers, dus precieze getallen kan ik nog niet geven. Maar met de gegevens die we hebben, en de berichten omtrent de nog ontbrekende cijfers, geven aan dat het ook dit jaar weer een stuk minder is. Dat geld men name voor de Kievit. Eerst een vogel waar we ons de minste zorgen om maakte, nu de vogel die het ergste achteruit holt. De andere soorten zoals Grutto, Wulp en Scholekster kunnen ook niet meer achteruitgaan want dan zijn ze helemaal uit ons gebied verdwenen. Dit is echter niet alleen in onze regio, landelijk is het een bekend gebeuren. Over de oorzaken hebben we al meerdere keren geschreven. Dikwijls wordt dan het eerste de vos, marterachtigen, kraaien en roofvogels genoemd. Deze dragen hier inderdaad aan bij, maar dit is altijd zo geweest en zou ook bij voldoende vogels vrijwel geen invloed hebben op het geheel. Echter de moderne landbouw en landbouw methodes laten geen ruimte voor vogels in het landelijk gebied. We zien dit niet alleen bij de weidevogels, maar ook voor de andere vogels van het platteland wordt de noodklok geluid. Hoeveel Patrijzen, Fazanten, Veldleeuweriken zien we nog, wanneer hoor je de Kwartel nog roepen. Allemaal vogels die de oudere generatie zich goed voor de geest kan halen en die heel gewoon waren, nu zijn ze onderhand zo zeldzaam dat de jonge generatie ze nauwelijks nog kent. Gelukkig worden er al op plaatsen maatregelen genomen om met behulp van subsidies deze vogels voor ons land te behouden, zodat ze niet de weg van bijvoorbeeld de Korhoenders achterna gaan. Dit gebeurt echter alleen in die gebieden waar de kans op succes, dus waar de voorwaarden toch al goed waren, het grootst is. Moet de rest van Nederland het dan maar zonder deze vogels stellen? De tijd kunnen we niet terug draaien, maar er moeten toch mogelijkheden zijn om samen met overheid, landelijk, provinciaal of op gemeentelijk nivo, en met agrariërs hiervoor oplossingen te bedenken. Het zal dan wel nodig zijn om niet alleen het economisch belang in het oog te houden. Hopende op betere tijden, Toon Selten.