Hoofdsponsors

De Huismus en zijn problemen.

 

Een vogel waar dikwijls geen aandacht aan wordt besteed. Tot voor enkele jaren terug de noodklok werd geluid omdat de stand achteruit holde. Dat kwam vooral door een bouwverordening waardoor het onmogelijk werd dat mussen nog onder het dak konden wonen. Gelukkig is op aandringen van de vogelbescherming dit gedeeltelijk terug gedraaid, zodat het nu voor mussen mogelijk is nog onder de eerste rij dakpannen te kunnen wonen, als de huiseigenaar dat wil. De stand van de Huismussen is nu enigszins gestabiliseerd. Toch dreigen er nog andere gevaren voor onze Huismussen. Dit heeft namelijk met het voedselaanbod te maken. Mussen zijn van huis uit zaadeters. Doordat er steeds minder onkruiden voorkomen, door zowel onkruid bestrijding als door het voortijdig maaien van bermen, enz. wordt er minder zaad gevormd. Huismussen hebben daardoor alternatieven gezocht en andere voedselbronnen gevonden. Vooral in de steden zijn ze overgegaan op zogenaamd junkfood, patat en snacks. Iedereen herkent het wel als we op een terrasje zitten met een frietje worden we onmiddellijk vergezeld van een aantal mussen die loeren op een stukje dat we laten vallen. Net zo min als vet eten voor ons gezond is, geldt dit ook voor een volwassen mus. Dit is niet goed voor het cholesterol van de mus. Echter de mus zal hierdoor waarschijnlijk geen hartinfarct krijgen. Ze worden daar niet oud genoeg voor. Ze zullen eerder ten prooi vallen aan een Sperwer of Havik. Echter voor de jonge musjes is dit veel nadeliger. Evenals alle jonge vogels hebben jonge Huismussen vooral behoefte aan veel eiwitten. Dit behoren ze te krijgen door insecten die door de ouders worden gevangen. Hoewel wij misschien een andere mening hebben, er zijn te weinig insecten. Afgelopen weekend was er de nationale spinnen telling. Op de Tv werd al aangegeven dat de aantallen daarvan ernstig terug lopen door het gebrek aan insecten. Omdat de mussen hier ook gebrek aan hebben gaan ze over om ook de jongen te voeren met junkfood. Voor een jonge mus is dit echter onvoldoende. Worden onze kinderen dik van het eten van teveel junkfood, bij een jonge mus is dit andersom. Door te weinig eiwitten worden ze zwak en mager, komen slechter in de veren, want voor de vorming van veren is veel eiwit nodig, en kunnen daarom minder goed vliegen waardoor ze een gemakkelijke prooi vormen voor roofvogels, maar ook voor katten en andere roofdieren. We kunnen daarom niet stellen dat de Huismus uit de gevarenzone is hoewel we hier op het platteland er nog niet zoveel van merken. Vooral in deze tijd verlaten de mussen hun plekje waar ze gebroed hebben en verzamelen ze zich in groepen waardoor we ze in groepen zien zitten of voorbij zien vliegen. Ze gaan gezamenlijk op zoek naar voedsel wat ze hier nog wel vinden bij boerderijen en op akkers na de oogst. Wij zullen ze dus voorlopig nog wel als huisgenoot hebben. In de verstedelijkte gebieden ligt het heel anders. Tot volgende keer Toon Selten.