Hoofdsponsors

Veren en verenkleed:

Vogels onderscheiden zich op meerdere manieren van andere dieren, denk b.v. maar eens aan de bek en het aantal poten. Een zeer belangrijk kenmerk is dat vogels geen haren hebben als lichaamsbedekking maar veren. Alle dieren met veren zijn vogels en alle vogels hebben veren al zijn er dan soorten waarvan de veren er niet direct op lijken, denk maar eens aan Pinguïns en Struisvogels. Het grootste gedeelte van de vogel is bedekt met veren. Deze veren zijn net als haren verhoornde delen van de bovenste huidlaag ook wel keratine genoemd. Zitten haren in haarzakjes, de veren zitten in veerzakjes. Deze zijn duidelijk te zien bij een geplukte kip. Er zitten verschillende soorten veren op een vogel. Het kortst op de huid zitten de donsveren, ze kunnen veel lucht bevatten en hebben met behulp van andere veren een belangrijke functie bij de temperatuur regeling van het dier. Kuikens worden er mee geboren of hebben de aanzet voor donsveren al bij de geboorte. Voordat een vogel gaat broeden verwijderd hij op de borst een aantal van deze donsveren, waardoor een soort kale plek ontstaat. De zogenaamde broedplek. Doordat de dons weg is, kan de warmte van de vogel beter worden overgedragen op de eieren. Deze donsveren worden soms gebruikt om het nest af te werken. Watervogels dekken de eieren ermee af als ze het nest velaten , zodat deze warm blijven. De veren boven de donsveren zijn de dekveren of contourveren ze bepalen de vorm van de vogel en sluiten het verenkleed naar buiten af. Onderaan deze veren zit meestal ook wat dons. In de vleugel en de staart zitten erg stijve veren, deze worden ook wel pennen genoemd. Men spreekt daarom ook van grote en kleine slagpennen en staartpennen. Deze hebben een belangrijke taak bij het vliegen. De stand van de staart bepaald in belangrijke mate de richting. Maar ook de stijve staartpennen hebben bij sommige vogels nog een andere functie, denk maar eens aan een specht die zijn staart als zitsteun gebruikt. Als men de staart van een specht voelt zal men merken dat deze veel stugger is dan van andere vogels. Verder bepalen veren ook de kleur van de vogel. Deze kleur wordt gevormd door kleurstofkorrels in de veren. Soms is dit in combinatie met doorzichtige lagen, waardoor bij wijziging van de lichtinval de kleur ook verandert. Dit is onder andere het geval in de spiegel van eenden en de kopkleur van de Wilde eend welk groen lijkt, maar in feite zwart is. De kleur van de vogel is weer belangrijk bij de balts om een vrouwtje te verleiden en is voor de vogels onderling van belang om te weten dat ze tot dezelfde groep behoren. Hoe zit een veer in elkaar? Elke veer bestaat uit een spoel of schacht die in de huid zit. Behalve bij de donsveren, bevinden zich bij alle veren, aan weerszijden twee delen, vlaggen genoemd. Dikwijls is de ene vlag, de binnenvlag, breder en zachter dan de andere de buitenvlag, welke smaller en harder is. Deze vlaggen bestaan uit baarden, men zou die kunnen vergelijken met tanden in een kam. Deze baarden hebben op hun beurt weer baardjes. Het geheel zou men sterk uitvergroot kunnen vergelijken met een boom met zijtakken en aan de zijtakken weer takken. De baardjes bezitten haakjes waarmee ze met elkaar verbonden zijn en als een soort ritsluiting in elkaar haken, zodoende vormt de vlag een sterk geheel. Er zijn vogels die deze haakjes missen en waardoor de veer geen een geheel vormt maar rafelachtig lijkt. Dit noemt men ook wel zijdevederigheid. Deze vogels kunnen daardoor ook niet vliegen. Denk maar eens aan de familie van struisvogelachtigen en de Kiwi. Vogels met normale veren zijn een groot gedeelte van de dag bezig met hun veren. Als ze met hun snavel door de veren gaan maken ze als het ware de richtsluitingen weer dicht. Watervogels smeren dan tevens vet uit een vetklier achter bij de stuit door de veren, zodat ze een waterdicht verenpak krijgen. Sommige vogels hebben nog speciale donsveren de zogenaamde poederdons. Deze veren verpulveren tot een soort wasachtig poeder dat tijdens het poetsen over het verenkleed wordt verspreid. Dit heeft ook een waterafstotende functie. Dit hebben o.a. reigers en bepaalde roofvogels. Het aantal veren verschilt van vogel tot vogel en is afhankelijk van de grootte van de vogel. Zo heeft een kolibrie ongeveer 1000 veren, maar een zwaan heeft er ongeveer 20.000. De veren bepalen bovendien een groot aandeel van het gewicht van de vogel. Er zijn vogels waarvan het verenkleed meer weegt als de vogel zelf. Maar bij een zangvogel bestaat ongeveer eenderde van het gewicht uit veren.

Tot volgende keer dan zal ik wat vertellen van het vernieuwen van het verenpak de rui.

Toon Selten.

 

Veer