Hoofdsponsors

De lammergier (Gypaetus barbatus) of baardgier.

Deze zomer hebben we van een vakantie genoten in Zuid Frankrijk, om precies te zijn, de Pyreneeën. Vooraf hebben we bedacht dat we graag bijzondere dieren (meestal moeilijk of niet te spotten in Nederland) wilden gaan zoeken. Naast gems, waterspreeuw en vale gier wilden we ook graag de lammergier zien. Volgens folders is daar een reële kans op, maar dat staat altijd in een folder.

Deze gier is groot, 125 cm lang, met een spanwijdte van 230-tot 283 cm. ( ter vergelijking: de vliegende deur wordt tot 92 cm lang met een spanwijdte van tot 250 cm). De gier weegt tot 7,8 kg. In de Himalaya lijken de vogels iets kleiner dan in de rest van de wereld, er wordt soms gesproken van ondersoorten maar daar is vooralsnog niet voldoende bewijs voor.

 aasgier valegier lammergier

Na een bijzonder stevige wandeltocht, tot aan de Spaanse grens, een stijging van 1300 meter, kwam, na telkens een groep van 6 vale gieren, totaal onverwacht de lammergier kort over vliegen, onmiskenbaar met zijn lange, wigvormige staart. Dus dat was toch gelukt.

Tot mijn verbazing las ik dat deze giersoort ook in de provincie Zeeland is gespot, mei dit jaar.

Deze bijzondere en bijzonder imposante vogel, heeft het moeilijk in de wereld, maar ook zeker in Europa. De naam "lammergier" stamt uit de tijd dat men dacht dat de vogel op lammeren en zelfs kinderen joeg. In Europa is dat een van de redenen geweest dat het dier halverwege de 20ste eeuw vrijwel is uitgestorven; lange tijd werd er jacht op gemaakt. Een herintroductie programma, ongeveer 40 jaar geleden opgezet, heeft goede resultaten behaald. Dit programma in de Alpen en de Pyreneeën heeft weer in ieder geval voor gezorgd dat er weer een redelijke populatie bestaat. De lammergier gaat in aantal achteruit. Om deze redenen staat deze gier sinds 2015 als gevoelig op de Rode lijst van de IUCN. (International Union for Conservation of Nature). De uitgezette gieren die in Spaanse Pyreneeen zijn uitgezet (waar we waarschijnlijk een nazaat van hebben gezien) doen het goed. Nakomelingen vanuit deze herintroductie hebben inmiddels ook Portugal bereikt. Toch beslaat hun wereldwijde populatie ongeveer 10.000 dieren, dat lijkt veel maar gezien het enorme verspreidingsgebied is de bezetting mager.

Lammergier 2

Voor zover dat mogelijk is worden er wereldwijd afspraken gemaakt om dit soort te beschermen. Hun stand staat nog steeds onder druk doordat er vergiftigd aas, nestverstoring, aantasting van het leefgebied, plaatsing van windturbines en elektriciteitsmasten en de veranderde landbouw (van extensief naar intensief, naast een kadaverdienst). Het voordeel van voor de lammergier ten opzichte van andere gieren is dat de lammergier ook veel energie en mineralen halen uit de botten van dode dieren. Deze vogel heeft aangeleerd om botten van grote hoogte op de rotsachtige bodem te laten vallen zodat ze in stukken breken. Hierna kan de gier, de kleinere botten (nog steeds groot) doorslikken. Het zure maagmilieu zorgt ervoor dat het bot wordt opgelost en de voedingsstoffen vrijkomen om verteerd te worden. De pH (zuurgraad) gaat van maximaal 14 (heel basisch) tot 0 (heel zuur). De pH van de maag van de lammergier ligt rond de 1, dat wil zeggen dat de maag bijzonder zuur is. De kalk van de botten lost gemakkelijk op, binnen een dag, waardoor de vette inhoud van de botten goed verteerd kan worden. Door het beschikbaar worden van de inhoud van de botten (merg) is de energie leverantie van deze botten, ongeveer gelijk aan dat van vlees. Door deze mogelijkheid om botten (met inhoud) te verteren kan de baardgier vele malen teruggaan naar een karkas om de botten als voedsel te gebruiken, daar waar andere dieren op zoek moeten naar een nieuwe prooi.

Lammergier 3 Richard Bartz

Concurrent of hulp?

De wolf en de steenarend lijken concurrenten voor de lammergier. Enige studie heeft hier echter een andere kijk op gegeven. Een van de voorwaarden waaronder de gier het goed lijkt te doen, lijkt een samenwerking met wolven en steenarenden. Deze roofdieren slaan vaak prooien waarbij de botten blijven liggen. Het rantsoen van de lammergier kan wel voor 80 tot 90 procent uit botten bestaan. Dus de restanten van de prooien van de schijnbare concurrenten zijn juist de hoofdbron van voedsel van de gier.

Walter Jansen