Welkom bij Vogelwerkgroep ’t Hökske

een vereniging van vrijwilligers die zich inzet voor vogels
en hun leefomgeving in de regio Sevenum en Horst

Jong vogeltje gevonden, wat nu?

In deze tijd van het jaar kan het gebeuren dat je een jong vogeltje vindt dat er hulpeloos uit lijkt te zien. Wat nu te doen? In negen van de tien gevallen zijn de ouders in de buurt en hoef je niets te doen. Maar heel soms is er wél iets aan de hand. De vogelbescherming geeft in de link hieronder in zes vragen en antwoorden precies weer wanneer je ingrijpt (en wanneer niet):

Wat moet je (niet) doen?

Klik hier voor:

Jaarverslag 2025

De Nachtzwaluw actueel

De Nachtzwaluw is geen zwaluw maar valt onder de familie van de “Nachtzwaluwen”
Voor velen is de Nachtzwaluw een onbekende en mysterieuze vogel vanwege:

  1. Schutkleur: De vogel zit overdag stil op de grond of in de lengte op een boomtak. Hij lijkt precies op een stuk hout. Zie ook bijgaande geweldige foto van Wiel Versteegen genomen in de Heldense Bossen.
  2. Geitenmelker: Vroeger dachten boeren dat de vogel ’s nachts geitenmelk kwam stelen. Dit komt door zijn enorme snavel, maar het is natuurlijk een fabel. Hij eet alleen insecten.
  3. Geluid: Het zingen klinkt als een eentonige, mechanische ratel. Het lijkt op het geluid van een krekel of een snorrende machine.

In de periode mei tot en met augustus zijn deze vogels te vinden in hun broedgebieden nl. zandgronden, heide en open dennenbossen. Vanaf september tot april verblijft deze soort in tropisch Afrika. De bekendste broedgebieden in Nederland zijn de Veluwe, de Brabantse Wal, Nationaal Park Drents-Friese Wold, Meinweggebied en de Strabrechtse Heide.

De gemeente Horst aan de Maas (naar schatting ruim 100 broedparen) kunnen we inmiddels toevoegen aan deze gebieden met een mooie populatie van deze soort. Vogelwerkgroep ’t Hökske telt de populaties Nachtzwaluwen dan ook jaarlijks in de gebieden Mariapeel, Schadijker bossen Meterik(al vanaf 2006), Swolgense Heide en Gelderdijk Sevenum. Ook in het gebied Boschhuizerbergen (Oostrum) telt een van onze leden deze grondbroeder. De Mariapeel is tijdens het broedseizoen deels afgesloten en daarom hieronder de territoria uit 2025 en 2026 (voorlopig) van de 4 overige telgebieden.

Definitie broedvogelterritorium: Een afgebakend leefgebied dat vogels in het broedseizoen verdedigen. Binnen dit gebied zoeken ze voedsel, bouwen ze hun nest, paren ze en voeden ze hun jongen op

Gebied 2025 2026
Schaakse Heide 24 27
Swolgense Heide 10 14
Boschhuizerbergen 7 14
Gelderdijk 10 10
Totaal 51 65

Een spectaculaire groei van ruim 25%.
De cijfers 2026 zijn voorlopig aangezien er nog geteld kan worden.

Met vriendelijke groeten Jan Peeters

Foto@Wiel Versteegen

Elk nadeel heeft zijn voordeel.

Een bekende uitspraak van een bekende voetballer. Nu wil ik het niet over voetballen hebben, daar wordt nu genoeg over gesproken en geschreven. Ik wil het in onze vogelwereld eens positief bekijken. Heel vaak als we iets over vogels vertellen is het iets negatiefs. Bepaalde soorten lopen hard terug, zijn op de “Rode lijst” gekomen, of zijn zelfs helemaal verdwenen. En uiteraard is dat waar, kijk maar eens om je heen en bedenk wat er 40 of 50 jaar geleden hier rondvloog. Dit heeft te maken met de modernisering op allerlei gebied. Niet alleen in de landbouw, maar ook de industrie en wij zelf hebben daar aan bijgedragen. We kijken momenteel heel anders naar de natuur en vogels als toentertijd. Ook de klimaatverandering heeft daar het nodige aan bijgedragen.

Dit alles heeft echter ook een keerzijde. Deze veranderingen hebben ook bijgedragen aan nieuwe soorten die we vroeger hier niet hadden en waar we nu niet meer van opkijken. Toen ik ruim 50 jaar geleden hier kwam wonen, barste het onder andere van de weidevogels, die zijn grotendeels verdwenen. Maar ooievaars waren er niet te zien. Als er nu gras gemaaid wordt verschijnen er direct ooievaars. Toen waren er in Nederland bijna geen meer. Nu worden de broedparen op ongeveer 2000 geschat. Door de klimaatverandering blijven er ook veel hier overwinteren. Blauwe Reigers zag je hier toen ook bijna niet. Nu is er zelfs een kolonie in Sevenum. We zien in de winter hier veel Grote Zilverreigers. Die waren hier nog onbekend, misschien dat ze hier over enkele jaren zelfs broeden. Ook wordt er al af en toe een Kleine Zilverreiger gezien.
De Zeearend kwam voor het eerst zo’n 20 jaar geleden in de Oostvaardersplassen voor. Uren hebben we destijds naar een stipje in de verte staan turen. Nu broeden er inmiddels een 40 paar in Nederland en zien we ze dikwijls dichtbij.
Zelfs de Visarend die hier alleen op doortrek te zien was broedt nu al op een 6 tal plaatsen. Voor de Oehoe moesten we naar de Enci groeve in Maastricht. Nu vinden we ze al op 110 tot 120 plaatsen, zelfs hier in de buurt van Toverland. Kraanvogels broeden alleen in het hoge Noorden. Iedereen ging naar het Fochteloërveen, toen daar een paartje ging broeden. Nu broeden er inmiddels een 70 paren in Nederland en zelfs in de Peel. Wie had ooit gedacht dat er een kolonie Aalscholvers zich in de Mariapeel zou vestigen. Een kolonie Lepelaars heeft daar zelfs een keer een poging gedaan om te broeden.

Een tijdje geleden stond in de krant dat er op het industrieterrein nabij de Zeesweg een plasje was waar allemaal vogels waren die hier normaal niet voorkomen. Dit waren onder andere veel eenden, waadvogels en meeuwen. Dat zijn niet alleen Kokmeeuwen die hier al langer voorkomen, maar de meeste zijn Kleine Mantelmeeuwen, die normaal aan de kust voorkomen. Ze broeden op het dak van een van de grote blokkendozen, die daar staan. Dit net als de Scholeksters op de nodige platte daken broeden voor hun veiligheid.

Zo kan ik nog wel een tijdje doorgaan, over de Raven die weer terug zijn, over kleine zangvogels zoals bijvoorbeeld de Cetti’s Zanger die 20 jaar geleden zeer zeldzaam was en nu een vrij normale verschijning is. Er is heel veel verdwenen maar we moeten het ook eens van de optimistische kant bekijken. Er is ook veel voor in de plaats gekomen. Dan blijft het glas halfvol.

Tot volgende keer, Toon Selten.

Foto@Jos Wijnen